Bioboer met tegengif

Op eigen kracht

Maria Groot
foto: Francois de Heel

Elke dag in de file staan, dat nóóit, had hij altijd gezegd. Daarvoor was Rony Nekkebroeck te milieubewust, idealistisch en avontuurlijk. Als Greenpeace-activist had hij de rotsen tegenover de kerncentrale in Tihange nog beklommen en was hij in Zwitserland gaan protesteren tegen farmareus Bayer. Het begon met een ICT-job voor een klein bedrijf. Het bedrijfje werd opgekocht door de farmaceutische industrie en voor hij het wist zat hij er toch: overwerkt, achter het stuur van zijn bedrijfswagen elke dag op de snelweg aan te schuiven.

Het wrong al een tijd, maar toen hij in 2009 de krant opensloeg, was er geen weg meer terug. “Mijn oog viel op een artikel over Corazon De Raeymaecker, een Vlaams fotomodel”, vertelt Rony. “Ze zei dat ze haar succesvolle carrière in New York had opgegeven om boerin te worden. Ze wilde een kleinschalige zelfoogstboerderij beginnen in de buurt van Antwerpen, met leden die jaarlijks een oogstaandeel zouden kopen. In ruil daarvoor konden de leden het hele jaar groenten en fruit komen oogsten.” Rony vond het een fantastisch idee. “De binding en betrokkenheid tussen de boer en de gemeenschap, en de mogelijkheid om mensen te laten herontdekken waar hun eten vandaan komt, dat was het helemaal!”

Na enige voorbereiding maakte Rony in 2011 de ommezwaai, hij begon zelfoogstboerderij Oogstgoed in Kalken, een dorpje twintig kilometer ten oosten van Gent. Community supported agriculture (csa), zoals deze vorm van landbouw officieel heet, was destijds een relatief nieuw fenomeen. Er waren in Vlaanderen nog maar twee csa-boerderijen. “Omdat die wachtlijsten hadden van hier tot aan de kerk, leefde het idee dat je op elke straathoek een csa kon starten,” lacht Rony. Maar een locatie vlakbij een progressieve stad bleek één van de voorwaarden voor succes. In het afgelegen Kalken was het lastig om genoeg leden te vinden. Uiteindelijk besloot Rony naar Wetteren te verkassen. De serre was net opgezet en de radijsjes begonnen al op te komen, toen 4 mei 2013 aanbrak.

“Na mijn ontbijt deed ik de keukendeur open,” herinnert Rony zich die ochtend. “Ons huis lag drie kilometer ten oosten van mijn veld. De wind kwam die dag uit die richting  en bracht een sissend geluid mee. Ik kon het niet plaatsen, maar vond het vreemd. Terug binnen heb ik de radio aangezet. Op het nieuws zeiden ze dat er een goederentrein met 300 ton giftige stoffen ontspoord was in Wetteren. Ik schrok, maar ze zeiden niet exact waar. Dat was het enige dat ik me afvroeg: Wáár ligt die trein juist? Ik ben op mijn fiets gaan rondrijden maar er was geen doorkomen aan, overal waren wegen afgesloten door de brandweer. Uiteindelijk  ben ik terug naar huis gegaan en heb op televisie gezien dat het brandende treinwrak krak naast mijn patatten lag. Blijkbaar moest het zo zijn.”

Vier dagen na de ramp, vertelde boer Rony met een glimlach aan de cameraploegen dat hij op zoek moest naar een nieuw veld. Was hij er niet kapot van? “Op dat moment realiseerde ik me de impact nog niet”, blikt Rony terug. “De klap kwam pas later, toen bleek dat het 10 tot 15 jaar kan duren voordat er een proces komt en dat het nog maar de vraag is of ik ooit een schadevergoeding ontvang.” Tijdens het grondonderzoek bleek namelijk dat zijn akker niet besmet was. Toch was zijn bedrijf verloren. “Mensen die biologisch eten, willen niet oogsten van een veld waarnaast een gigantische giframp heeft plaatsgevonden. Ikzelf durfde die groenten ook niet aan mijn kinderen te geven.” Maar Oogstgoed opgeven kon de bioboer niet, daarvoor had hij zijn vorige leven niet achter zich gelaten. Hij besloot opnieuw te beginnen.

Rony vond een nieuw stuk land. Of eigenlijk vond het land hem. “Op een dag stuurde de eigenaar van kasteel Coninxdonck uit Gentbrugge me een bericht: ‘Zoek je nog grond?’ De man was afkomstig van Wetteren en had mij op het nieuws gezien. Hij vertelde dat hij op zoek was naar een bestemming voor een ongebruikt stuk grond op het domein van het kasteel. Had ik interesse? Ik kon nauwelijks geloven dat ik dit in mijn schoot geworpen kreeg.”

Rony had één voorwaarde: hij wilde niet meer alleen verder. Gelukkig vond hij Benny Van de Velde, een jonge, afgestudeerde landbouwer. De boeren tekenden een pachtovereenkomst voor 36 jaar, tot Benny’s pensioen. Tegen die tijd zullen er ongetwijfeld sappige appels groeien aan de fruitbomen die ze vorig jaar hebben geplant. Kolen, worteltjes en aardappelen groeiden er afgelopen winter al volop en binnenkort gaat een derde boer voor de dieren zorgen. Oogstgoed telt inmiddels 250 leden, die elke week met een zak vol biologische groenten naar huis gaan. Rony is tevreden. Zonder spoorweg in de buurt, is hij klaar voor de komende 36 jaar.

 

www.oogstgoed.be
www.CSA-Netwerk.be

Deel het met uw vrienden

PinIt